Bestemming
Keschtnweg: herfstjuweel in het Eisackdal
De Kastanienweg in het Eisackdal combineert wandelen met genieten. Onderweg zijn er Zuid-Tiroolse gerechten en uitgestrekte kastanjebossen.
Op de hellingen tussen gemengde bossen en weelderige weiden staan talloze kastanjebomen. In de herfst dragen ze de tamme kastanjes, die even smakelijk als voedzaam zijn en altijd een belangrijke rol hebben gespeeld in de Zuid-Tiroolse keuken als ze gepoft of gekookt werden. De Eisacktaler Kastanienweg verloopt onder en naast de knoestige reuzen die hier in bijzonder grote aantallen gedijen. De Keschtnweg is in totaal 60 kilometer lang, en wie de hele route aflegt begint in Brixen en komt - uiteraard niet op dezelfde dag - aan in Bozen.
Op de route, die verdeeld is in vier etappes, zijn er altijd kunst-, cultuur- en natuurmonumenten te bewonderen en lokale producten om van te genieten. De route voert ook langs legendarische plaatsen die ooit het rijk waren van heksen, feeën en spoken.
De route is vooral populair tussen september en begin november, omdat het dan "Törggele-tijd" is. Maar het pad is niet alleen in de herfst een populaire route; ook in de andere seizoenen zijn wandelaars gefascineerd door de gevarieerde vegetatie.
Vvan Neustift naar Bozen
Onderweg biedt de Keschtnweg veel mogelijkheden om te stoppen voor versnaperingen en overnachtingen. De eerste etappe voert van het klooster Neustift 16 kilometer door oeroude kastanjebossen, langs drie bezienswaardige kerkjes, tot aan Feldthurns. Hier begint de tweede etappe over de weg door het zonnige middelgebergte van Feldthurns. Onderweg nodigen verschillende rustieke wijntavernes je uit om te stoppen voor een hapje en een drankje. Het Renaissance kasteel van Velthurns en het klooster van Säben zijn bezienswaardig. Aan het eind van dit deel daal je met haarspeldbochten af naar Klausen, een hele tijd vergezeld van het uitzicht op de daken van de kunstenaarsstad. De derde etappe van de Keschtn route voert van Barbian door velden, weiden, kleine gehuchten en gemengd bos en gedeeltelijk door de rotsachtige Gonderbachgraben. Bij Saubach kun je zien hoe het water van de Gonderbach over een rotspunt het dal in stort. Niet alleen voor natuurwaarnemers, maar ook voor liefhebbers van sacrale kunst zijn er verschillende kerkjes te ontdekken op dit traject naar Leitach op het hoogplateau van Ritten.
Het vierde en laatste deel van de Keschtn route leidt naar kasteel Runkelstein bij Bozen. Onderweg zijn er enkele bijzondere attracties, zoals het Feuersalamandertal en de ruïne Stein. De beroemde aardpiramides in Unterinn aan de Ritten zijn bijzonder indrukwekkend. Het materiaal dat door de regen in de loop van honderden jaren tot de kegelvormige kleiformaties met hun stenen hoeden is gevormd, is 25.000 jaar oud.
Törggelen
Langs de Keschtnweg zijn er niet alleen talrijke bezienswaardigheden, maar ook veel boerderijen met kleine tavernes. Deze rustieke tavernes serveren "Marenden" met typische Eisacktal gerechten en nodigen je uit om in de herfst te Törggelen - een culinaire traditie die teruggaat op een oud gebruik van boeren en wijnhandelaren. Om de "Sußer", het jonge, nauwelijks gegiste druivensap, en later de "Nuien", de gegiste most, te proeven vindt sindsdien het populaire Törggelen plaats. Er is spek, Schüttelbrot, huisworst met kool, een slachtschotel met "Rippelen" en "Surfleisch". Natuurlijk mogen de stevige gerstensoep, de knoedels en de Schlutzkrapfen niet ontbreken. Tot slot is er een vet feest met Krapfen en gebakken "Keschtn".
Keschtnweg
Verdere informatie
Der „Keschtnweg“ verläuft an der orographisch rechten Seite des Eisacktals vom Kloster Neustift (560 m) durch schöne Kastanienwälder bis nach Terlan (250 m). Der Weg zeigt sich gerade im Herbst von seiner schönsten Seite und viele Bauernhöfe öffnen den Wanderern zur „Törggelezeit“ ihre Stuben und Keller. Aber auch im Frühling und Frühsommer bietet die artenreiche Vegetation und die bäuerliche Alltagskultur am Wegesrand einen unvergleichbaren landschaftlichen Reiz.
Kloster Neustift
Informationen zu den öffentlichen Verkehrsmitteln finden Sie unter https://altoadigemobilita.info/ oder im Infopoint mobile (Tel: +39 0471 220880; Mail: contact@suedtirolmobil.info)
Der „Keschtnweg“ ist ein mittelschwerer, fast 90 km langer Fernwanderweg, der in einzelne Streckenabschnitte unterteilt werden kann, die auch als Tageswanderungen lohnend sind. Die mehrtägige Wanderroute verläuft über die Mittelgebirgsterrassen (zwischen 700 und 980 m Meereshöhe) bis nach Terlan und ist einheitlich mit "Keschtnweg" beschildert. Den Weg kann man in fünf Tagesetappen begehen und man sollte die Unterkünfte bereits im Vorfeld buchen, da bis im Spätherbst noch sehr viele Gäste die beliebteste „Törggele”-Region Südtirols (rund um Brixen), aufsuchen. Der abwechslungsreiche Weg führt durch Mischwälder, Fluren und Felder. Am "Keschtnweg" bieten Direktvermarkter regionale Produkte an. Kunst- und Naturdenkmäler entlang des „Keschtnweges“ zeugen von einer Jahrhunderte alten Kultur, sagenumwobene Orte erzählen von Hexen, Feen und Geistern.
Der „Keschtnweg“
Länge: 82 km.
Gesamt Höhenunterschied (Aufstieg): 4.050 m
Höchster Punkt: 1.000 m – oberhalb von Signat am Ritten.
Dauer: 5 Etappen
Schwierigkeitsgrad: mittelschwer – keine besonderen technischen Anforderungen.
Empfohlene Zeit: von März bis Ende Oktober.